Wanneer ik niet kan slapen, beeld ik me soms in dat ik mezelf kan zien door een camera die boven me hangt. Ik zie me zelf liggen, op mijn rug of op mijn linkerzij, links van m’n vriend. Een beetje onrustig te woelen, omdat het al zo laat is en ik straks vroeg op moet.
Met die camera kan ik door de muren kijken. en ik zie hoe ik elke avond op maar een of twee meter afstand van mijn buren slaap. Mensen die ik niet goed ken, zo dichtbij wanneer ik op mijn kwetsbaarst ben. Als ik de camera met een hoek van 90° naar rechts om me heen draai, zie ik hoe hoog ik wel niet lig: zeker tien meter boven de begane grond. Ik zie hoe ons huis leunt tegen de huizen naast ons en zo deel uitmaakt van een ketting van hout en steen die zo al verschillende decennia, zelfs bijna een eeuw standhoudt. De constructie is voor ons zo betrouwbaar dat we er elke avond in omhoog klimmen, er tot rust komen en er ons enkele uren afsluiten van de wereld.
Die oefening ‘uit het lichaam treden voor beginners’ doe ik al sinds ik jong ben. Gisteren kon ik niet slapen en heb ik ze nog eens herhaald. Ik liet de camera deze keer nog verder omhoog gaan en tot de hele straat zichtbaar werd, en de straat op den duur zichtbaar een onderdeeltje werd van een complex stratenplan.
Ik vind het bizar om te denken dat in die visgraat duizenden mensen net als ik op hun zij, rug of buik liggen te slapen. Misschien ligt hier en daar nog iemand op de slaap te wachten. Een aantal mensen in de visgraat hebben op dit moment waarschijnlijk seks. Het schermpje om mijn gsm laat me weten dat het al half drie is. Nu ja, misschien is er toch ergens een kakelvers koppel dat op dit uur nog de moed vindt om op elkaar te klimmen…
Ken je het filmpje ‘Powers of 10′ van Charles en Ray Eames? Een camera filmt van bovenaf een verliefd koppel dat op een zondag picknickt in een park in Chicago. Na de maaltijd vlijt de vrouw zich tegen de man aan, waarop ze allebei in slaap vallen.
Een stem informeert ons dat het beeld op dat moment exact in verhouding staat met één vierkante meter. We moeten ons schrap zetten voor een verre reis. De camera gaat omhoog en vanaf dan verwijderen we ons elke tien seconden met een extra macht van 10 van het koppel, eerst 1 meter dan 10 seconden later 10 meter, en zo steeds sneller.
Vier minuten later, na een tocht langs zonnestelsels en de Melkweg, bevindt de kijker zich aan het einde van het universum, op 10 tot de 24ste meter afstand van de picknickmand in Chicago. De elektronische muziek die onder het filmpje werd gemonteerd sluit perfect aan bij wat we zien: een doodse stofwolk die na die betoverende intergalactische reis toch een aanvoelt als een anticlimax. Het heelal oogt van buitenaf bepaald niet indrukwekkend.
Dan duikelt de camera razendsnel opnieuw omlaag, tot bij de man in het park. Nu gaan we omgekeerd en zoomt de camera steeds dieper in op de huid van de man, de structuur van de hand wordt elke 10 seconden 10 keer kleiner, tot we uitkomen bij wat quarks moeten zijn.
Voor het filmpje begint stellen Ray en Charles droogjes wat ze met het filmpje willen aantonen: “the effect of adding another zero”. Maar het simpele nulletjesidee levert toch een fascinerend resultaat. Niet alleen de relatieve verhoudingen worden zo doorzichtig, maar tegelijk blijkt dat het einde van het (zichtbare) universum en de allerkleinste deeltjes opvallend veel op elkaar lijken, twee keer niets meer dan een wolk van deeltjes.
Ik moest aan het filmpje denken op het moment dat ik mezelf gisteren ‘bekeek’. Ik lig net zoals de man in het park lig ik op mijn rug, maar val nog net niet in slaap. Ik vraag me wat ik zo ontspannend vindt aan mezelf van bovenaf bekijken en wat met een onbestaande camera te prutsen. Is het het besef dat ik maar een schakeltje ben tussen die twee stofwolken? Dat ik er uiteindelijk niet zo toe doe, maar gewoon één van de stappen ben tussen 10 tot de 25ste en -16de macht? Is dat de reden waarom die man in het park zo vredig ligt te slapen?
Misschien is dat wel een geruststellende gedachte: ik ben niet meer dan wat deeltjes die toevallig aaneen hangen. Morgen, ja, dan doen dingeren er opnieuw toe, dan ben ik opnieuw zelfbewust en neem ik opnieuw deel aan het leven. Maar nu ben ik even niet meer dan een nul tussen twee wolken. Wat een heerlijke geruststelling. Slaapwel.